Project 309801 - de renovatie van mijn Mercedes L508D Camper

flag-gb-50x30this page in English

Mercedes 508












Op deze foto uit 2001 lijkt mijn 508 van het bouwjaar 1975 er nog goed uit te zien voor zijn leeftijd. Door de aluminium opbouw van de camper hoefde ik daar ook weinig voor te doen. Af en toe een likje verf was ruim voldoende. Maar de metalen cabine van de 508 was andere koek. Hoewel ik die zo veel mogelijk probeerde bij te houden, was het onvermijdelijk dat er roestgaten in vielen. Ik probeerde de gaten zoveel mogelijk op te vullen met plamuur of polyester, maar de roestduivel bleef onverbiddelijk zijn werk doen.
project-10project-11















Spatbord en portier rechtsvoor








Medio oktober 2003 reed op een parkeerterrein iemand tegen mijn linker voorspatbord en de bumper aan. Het spatbord was al redelijk geroest, maar nu zat er een groot gat in. De stukken roest lagen op straat. Natuurlijk zat er geen briefje onder de ruitenwisser, maar mijn enige troost was dat de dader een veel grotere schade moest hebben dan ik, want in een 508-bumper rij je niet zomaar een deuk. Voor mij een goede aanleiding om de cabine eens goed onder handen te nemen. Beide spatborden waren geroest, de onderkanten van de portieren waren geroest en over de hele cabine vormden zich roestblazen.

Voorlopig dekte ik het gat af met tape, maar project 309801 – zo genoemd naar het typenummer van de cabine van mijn 508 – kon beginnen.
project-12










Spatbord linksvoor


Via de firma “Geevers” in Rotterdam, in de Spaanse Polder, kon ik al het overzetplaatwerk voor mijn 508 bestellen waarvan ik dacht dat ik het nodig zou hebben. Alleen het overzetstuk voor het rechter voorspatbord bleek niet meer leverbaar. Op dat moment leek me dat geen probleem, daar zou altijd wel een stuk ingelast kunnen worden.

Ik vond een goed carrosseriebedrijf waar ik in de werkplaats ook zelf het nodige kon doen. Mijn 508 kreeg een plek in een hoekje van het bedrijf en ik begon met het kaal maken van de cabine
project-15













Koplampen eraf, clignoteurs, emblemen en wat er nog meer gedemonteerd kon worden. Niet alleen scheelde dat een paar uur arbeidsloon, maar ik vond het ook leuk om te doen. Maar toen ik de vloermatten weg haalde, kwam ik nog veel meer rotte plekken tegen.
project-21project-14
cabine linker binnenspatbord plus detail

Deze foto´s laten zelfs niet alles zien. Het bleek allemaal nog veel rotter. Maar van al die plekken had ik nieuw plaatwerk, dus daar maakte ik me niet te veel zorgen over. Na het uitsnijden van de rotte plekken leek de roest toch wel mee te vallen.
project-16










spatbord links voor


Ook de voorruit ging eruit en daarvoor moest het raamrubber worden losgesneden. Bij Hogenbirk, de Mercedes-dealer in Rotterdam-Charlois bestelde ik een nieuw voorruitrubber. Ze hadden het niet op voorraad, wel was het binnen twaalf uur leverbaar vanuit het hoofdmagazijn in Duitsland. Daarop wachten was in mijn geval uiteraard geen probleem. Ik bestelde ook gelijk twee clignoteurs voor aan de voorzijde, want nadat ik die eraf had gehaald bleken ze allebei erg verroest.

Ik wilde ook graag nieuwe zijclignoteurs hebben. Er zaten er lampjes op van Halfords, maar liever had ik een model dat meer bij het bouwjaar van mijn 508 paste. Bij een automaterialenzaak vond ik in een oude Hella-catalogus een model uit de jaren zeventig dat nog leverbaar bleek.
project-28
















Klik op de foto's voor een grotere weergave.
project-18project-20project-27project-25project-23









Het enige overzetplaatwerk dat ontbrak was dat van het rechter voorspatbord, maar dat bleek vanwege de rand toch een cruciaal stuk te zijn. Er kon wel een stuk in het spatbord gezet worden, maar een nieuw plaatwerkdeel zou beter zijn. Dat vond ik bij “Van Vliet Trucks” in Nieuwerkerk a/d IJssel waar ze in het magazijn nog zo'n stuk plaatwerk hadden liggen.
Mercedes 508 overzet plaatwerk























Het was in eerste instantie mijn bedoeling om alleen de cabine op te knappen, maar later bedacht ik me dat ik beter ook tegelijk de rest van de carrosserie kon laten spuiten. Veel werk hoefde dat niet zijn; in het woongedeelte zaten geen gaten of deuken in en dus hoefde daarvan alleen maar het aluminium geschuurd te worden.
project-30













Tegelijkertijd probeerde ik ook wat meer over de geschiedenis van mijn kampeerauto te achterhalen. Wat ik wist was dat mijn 508 zijn leven was begonnen in 1975 als een Chassis/Cabine, maar ik had geen idee hoe de auto toen werd afgeleverd. Met een laadbak? Als een kiepauto? Of met een speciale opbouw?
Volgens het kenteken was de auto in 1978 omgebouwd tot kampeerauto. Achterop zat een klein metalen schildje met daarop het logo van Carrosseriefabriek Joost Lamboo in Zoetermeer en juist vanwege de professionele aluminium opbouw van de camper vermoedde ik dat deze auto wel eens door hen gebouwd zou kunnen zijn.
Mercedes 508 embleem Joost Lamboo



















Toen ik deze camper net had gekocht, in 1989, zag ik bij Camperbouw in Hoek van Holland in de werkplaats een zelfde kampeerauto. Dezelfde aluminium opbouw, dezelfde kleuren (een soort mosterdbruin en okergeel), alleen een stuk langer. Ik hoorde toen vertellen dat er een kleine serie van deze kampeerauto’s was gebouwd. Maar volgens Lamboo was er geen serie van deze kampeerauto’s gebouwd. De toenmalige directeur, dhr. Joost Lamboo Sr. bouwde zelf een kampeerauto en een vriend of een bekende van hem had er tegelijkertijd één gebouwd die precies hetzelfde was. En dat moest mijn kampeerauto zijn. In 2010 kwam ik erachter dat de langere 508 ook nog steeds bestaat (klik!)

Langzaam maar zeker begon er schot in de zaak te komen. Het reparatiestuk dat op het rechter voorspatbord zat, werd geheel afgelast en in de plamuur gezet. Ook op de andere plekken van de cabine kwam een laag plamuur. Daarna werden de overzetstukken op de onderkant van het rechterportier pasgemaakt.
project-31    project-36    project-32

Het kaal maken van de rest van de opbouw was niet veel werk, alleen het demonteren van de zijreflectors, de kentekenverlichting en nog wat kleine dingetjes. En natuurlijk het embleem van Lamboo. Ook de achterruit maakte ik vast zover los dat die alleen maar los geschoven hoefde te worden.

Alleen het slot van het zijportier werkte niet mee, een van de schroefjes zat muurvast, alleen met een slagschroevendraaier kreeg ik 'm los. Dat slot was in de loop der jaren erg veel speling gaan vertonen, zodat daar een nieuwe op moest. Dat bleek ook nog ergens te koop.
project-34













het nieuwe en het oude slot


project-33











de hele auto is geschuurd.


Ook het rechter voorportier sloot weer keurig. Aan de binnenkant was een stuk van de bodem vervangen, waarna aan het linker voorscherm kon worden begonnen. Pas toen de plaatschaar erin gezet werd om de rotte plekken eruit te snijden, ontdekte ik dat er al eens eerder een overzetstuk opgezet was. Daaronder zat weer het originele spatbord, maar dat bleek kuis verrot. Ook wegsnijden maar.
project-37       project-38
Tussendoor hield ik me intussen bezig met allerlei kleine klusjes, zoals het pas maken van het nieuwe portierslot, gaten boren voor de nieuwe reflectors en gaten boren voor de nieuwe zijclignoteurs. Dat boren kon ik beter doen voordat de auto zou worden gespoten.

Een week later was het laswerk aan de linkerzijde klaar. Ook in de onderste hoeken van de voorruitsponning zaten behoorlijke roestgaten die uiteraard dichtgelast moesten worden.
project-39















Voor het gemak waren de deuren eruit gehaald om de onderkant te plamuren.
project-40     project-41
De cabine werd intussen in de spuitplamuur gezet.
project-42
























Voor het spuiten koos ik een originele kleur lak van Mercedes, papyruswit met kleurnummer RAL 9018. Ondanks de naam was het precies hetzelfde soort grijs dat er al opzat.

Nadat de 508 was gespoten kon ik het afplakband eraf halen. De auto zag er prachtig uit. De deuren waren apart gespoten en konden weer gemonteerd worden. Daarna volgden alle kleine onderdelen, zoals emblemen, reflectors en de kentekenverlichting.
project-43















Voor de montage moest de voorruit goed worden schoongemaakt. Niet alleen de resten van het ruitrubber moesten eraf, maar ook de siliconenkit, die ik er ooit opgesmeerd had in een poging een lekkage langs de ruit te verhelpen. Bij elkaar was dat zo’n anderhalf uur werk en daarna begon ik met de zijruiten. Daarvan wilde ik het rubber van de sponning vervangen. Toen de ramen er eenmaal uit waren kon ik de rubbers verwijderen en de sponning uit de metalen rand halen. Die rand was gelukkig niet doorgeroest, ik hoefde hem alleen maar licht te schuren en matzwart te spuiten. Daarna kon ik de ramen schoonmaken en het raamrubber licht schuren om de oude verfresten te verwijderen. Dat klusje kostte me een hele dag.
project-44














Ik had bij Hogenbirk, de Mercedes-dealer, ook nieuwe rubbers voor de portieren besteld, want van de oude was bij démontage niet veel over gebleven. Dat bestellen van die nieuwe rubbers was niet zo eenvoudig. Toen ik een poos daarvoor het voorruitrubber had besteld, keek de magazijnmeester gewoon op de cd-rom waarop alle voertuig gegevens op te zoeken waren aan de hand van het chassisnummer en het typenummer van de cabine. Maar nu bleek dat Mercedes die gegevens uit 1975 als verouderd beschouwde en ze had gewist. Gelukkig had de magazijnmeester nog wel een oud microfiche liggen waarop die gegevens ook stonden. Voor mijn 508 met het cabinenummer 309801 was dat het microfiche met nummer 0320, maar dat is voor elk type weer anders. De portierrubbers bleken nog gewoon op voorraad te liggen in het hoofdmagazijn in Keulen. En dat betekende dat ik ze de volgende ochtend kon ophalen.

Verder waren er nog tientallen kleine onderdeeltjes die opnieuw gemonteerd moesten worden. Aan het eind van de middag was alles gebeurd en was ik zover dat ik met de 508 voorzichtig naar huis kon rijden.
project-45project-47









Project 309801 was klaar, alleen restte me nog maar één klusje… de grote schoonmaak van het interieur, want da was ontzettend smerig geworden.

Maar daardoor kwam ik erachter dat ik ook nog wel wat meer aan het interieur moest doen, want die zag er ondanks het schoonmaken niet echt fris meer uit. Toen ik de auto in 1989 kocht had ik de binnenkant naar mijn eigen smaak ingericht (het volledige verhaal van die verbouwing valt te lezen op de pagina “Op reis met Gijs”). Hoewel ik natuurlijk het interieur had bijgehouden, waren in de loop der jaren toch krassen en andere beschadigingen ontstaan. Maar wat de doorslag gaf om eraan te beginnen was dat ik ineens water op de vloer zag liggen. Ik vermoedde dat het naar binnen kwam via het luik van de bun waar de gasflessen staan. Afdichten met tochtband had geen effect. Het bleek de afvoerbuis van de kachel te zijn, die door die bun loopt. Die buis was aan de onder­zijde helemaal doorgerot en het regenwater liep zo via de schoorsteen op de vloer van de auto. En dat moest al even aan de gang zijn, want de plintjes waren weggerot.

Bij Camperbouw bleek dat de kunststof schoorsteen door zijn hoge leeftijd broos was geworden, zodat het water daarlangs naar binnen stroomde. Dat betekende dat er een nieuwe schoorsteen en een nieuwe afvoer­slang gemonteerd moesten worden. Daarna werkte de kachel weer prima.
gijs-interieur-5

















Intussen begon ik met de voorbereidende werkzaamheden voor het verven van de binnenkant. Ook onder het vloerzeil was het door de lekkage van de schoorsteen drijfnat geworden en dus zat er niets anders op dan het zeil er uit te snijden. Dat moest toch vernieuwd worden en op deze manier kon de houten vloer een poosje goed drogen.

Ik begon met alles te strippen: de slotjes, haakjes, lampjes en dergelijke. Tegelijk maakte ik foto’s van de bedrading, zodat ik bij het monteren weer kon zien hoe alles in elkaar zat. Daarna ging ik aan de slag met de schuurmachine, maar het was heel wat uurtjes werk voor alle kastjes en muren waren geschuurd.
gijs-interieur-4










Nadat ik de grote stofbende had opgeruimd, kon ik de wanden afnemen met ammonia en daarna de randjes af te plakken. Ik wilde het interieur graag in dezelfde kleur houden, maar het ‘Manhattan Wit’ waarmee ik indertijd de wanden had gedaan, was al lang niet meer leverbaar. Ik koos daarom voor een kleur uit dezelfde serie van Flexa, het ‘Monaco 3075 zachtwit/zijdeglans’. Dat was niet dat harde wit, maar een beetje romig wit. Dat bleek een mooie kleur die goed paste bij de rest. Nadat alles goed was gedroogd kon ik weer gaan opbouwen.

Daarna begon ik met het uit elkaar halen van het dashboard om alle panelen te spuiten. Het afplakken was een secuur werkje, maar zo’n klusje ligt mij wel. Met een spuitbus maakte ik het dashboard glanzend zwart. Dat lukte goed, zodat ik na het drogen verder kon met het zaakje weer in elkaar te zetten.
gijs-interieur-2      gijs-interieur-3


Volgende punt op het programma was het verven van de binnenkant van de cabine, want daarop zat nog steeds de originele bruine kleur die de eerste eigenaar erop aangebracht had. Ook moest ik de douchebak vervangen. Daar was ik al eerder mee begonnen, maar moest het werk stilleggen omdat de afvoerslang door ouderdom in twee stukken brak. Gelukkig gebeurde dat voor alles gemonteerd was. Nadat ik een nieuwe slang erop had gezet, kon ik de douchebak vastzetten en afkitten. Als nieuwe vloerbedekking zocht ik licht grijs vinyl uit waarvan het traanplaat motief goed paste bij de auto. Het leggen van de vloerbedekking was een hele dag werk, ook omdat ik de randen langs de wanden dichtmaakte met siliconenkit.
gijs-interieur-1










Ik had twee weken vrijgenomen om het interieur te doen, maar in die tijd redde ik het niet. Want wat begon als “het verven van een wandje” was toch weer een totale restauratie geworden. Ik heb geprobeerd het interieur zoveel mogelijk in dezelfde staat te houden, alleen wat kleine dingetjes heb ik vernieuwd. Verder heb ik overal hetzelfde kleurenschema aangehouden. Nu ben ik alleen bang dat een buitenstaander zich verbaasd afvraagt wat er veranderd is.